
Bij een verzwakt gazon gaat het snel van kwaad naar erger: er ontstaan kale plekken in het gazon, die al snel kunnen ingenomen worden door mos of onkruid. Naast het uitvoeren van een gepaste bemesting is het aangewezen om deze kale plekken of zelfs het ganse gazon door te zaaien. Ook na het verticuteren van een gazon kan een dergelijke doorzaai noodzakelijk zijn.
Voor het doorzaaien en het herstellen van kale plekken kan het graszaadmengsel gebruikt worden waarmee het gazon oorspronkelijk ingezaaid werd. Ook is er een specifiek graszaadmengsel beschikbaar, namelijk DCM RIPARO® , speciaal ontwikkeld voor een snel herstel van kale plekken en een geslaagde doorzaai van bestaande gazons.
DCM RIPARO® - graszaadmengsel voor HERSTEL en DOORZAAI
75 % Engels raaigras - Lolium perenne (var. Bizet 1, Conrad 1)
25 % Roodzwenkgras - Festuca rubra (var. Corail)
Doorzaai van een bestaand gazon: Maai het bestaande gazon voldoende kort. Verticuteer in de lengte- en de breedterichting en verwijder zorgvuldig al het uitgekamde mos, vilt, onkruid en grasafval. Werk eventuele oneffenheden weg door bijvoorbeeld te bezanden. Strooi onmiddellijk nadien DCM RIPARO aan 1 tot 2 kg per 100m². Voor een groot grasveld kan het gebruik van een speciale doorzaaimachine aangewezen zijn.
Herstellen van kale plekken: Ga in dit geval te werk zoals bij de aanleg van een nieuw gazon.
Nazorgen: · Hou de bodem voldoende vochtig gedurende de kieming. · De eerste maaibeurt na de doorzaai pas uitvoeren wanneer het jonge gras voldoende is gegroeid (ca. 8 cm hoogte). Maai in het begin niet te kort (max. 1/3 van de grashoogte wegmaaien). · Na de 3de maaibeurt is een bemesting met DCM Organische Gazonmeststof aangewezen. Deze is veilig voor gebruik op jong gras (geen verbrandingsgevaar) en zorgt voor een goede inworteling en weggroei (uitstoeling) van het jonge gras.